Orka’s en Victoria

Dreigende luchten vanmorgen met ook wat regen. Niet koud: zo’n 11 graden.

Na het ontbijt rijden we – in de regen – om kwart over acht met 1 camper richting de stad Victoria. We weten waar we moeten zijn om te parkeren (slechts op bepaalde plaatsen mogelijk) en moeten het bustarief betalen ($35/dag dus dat valt wel mee voor het centrum van een grote stad). De plaats waar we in moeten schepen voor de orka tocht is snel gevonden (goede aanwijzingen door Doets en de bootmaatschappij). Stipt om tien uur vertrekken we met de boot na uiteraard eerst de veiligheidsinstructies gehad te hebben. Een fantastische tocht van 3,5 uur waarin we in totaal 9 verschillende orka’s gezien hebben (2 groepjes van 2 en 1 groepje van 5) en ook een flink aantal zeehonden. De aalscholvers waren ook ruim vertegenwoordigd.

Na afloop eerst wat eten op de Fisherman’s Wharf: een prachtig en veelkleurig stukje haven.

Terug naar de camper om wat jassen en truien te dumpen. Tineke en Caroline even wat rusten terwijl Aad en Cees het gebied rondom het parlementsgebouw verkennen.

Met z’n allen langs de boulevard richting China Town: de oudste van Canada.

Onderweg wat drinken en aan het begin van de avond wat eten in een Chinees restaurant in China Town.

Terug wandelen naar de camper maar eerst nog even het verlichte parlementsgebouw op de foto (de verlichting sprong om half acht aan – precies op het moment dat wij er langs liepen.

In het donker terug naar de camping, koffie, spelletje en wat later naar bed dan gebruikelijk. We hebben morgenochtend geen strakke planning die we moeten halen: eerst naar Butchart Garden en om 3 uur bij de veerboot zijn voor de overtocht naar Vancouver: onze laatste camping van deze reis.

Van Ucluelet naar Victoria

De dag begint fris (10 graden) en mistig.

Tegen tienen hebben we ontbeten en zijn we weer losgekoppeld van stroom, water en riool dus vertrekken we richting Victoria, de hoofdstad van de Canadese provincie Brits-Columbia. Het is zo’n 300 km rijden dus we hebben nog wat voor de boeg. Na een kwartiertje rijden begint de zon al te schijnen (de mist komt vanuit de oceaan het land binnen drijven). Het oponthoud bij de wegwerkzaamheden (waar we eergisteren ook langs gekomen zijn) valt mee: 1 km file = ca. 10 minuten wachten. De werkzaamheden zelf zijn over een lengte van 2 km: er moet enorm veel werk verricht worden om de weg weer op orde te krijgen! We hobbelen over een steile onverharde weg naar boven!

Na een kleine 100 km de eerste stop in Port Alberni voor benzine en een kop koffie met appel fritter / pecan doughnut bij – uiteraard – Tim Hortons. Weer een 100 km verder komen we in Chemainus waar we de lunch nuttigen: een boterham met een kop bouillon in de schaduw tussen de campers (we moeten onze voorraad nog opmaken!). Chemainus is van oorsprong een houtkapdorp, ontstaan in 1858. De naam is afkomstig van een oude inheemse shaman en voorspeller “Tsa-meeun-is” (gebroken borst). De legende vertelt dat de man een grote wond in zijn borst overleefde om daarna een grote chief en leider onder zijn volk te worden. Het dorp is nu bekend om zijn vele mooie muurschilderingen.

De volgende ultrakorte stop is in Duncan waar een verzameling (oude historische) totempalen zou moeten staan. Echter, bij onze rit door het dorp en bij het (bus)station zien we geen totempalen staan. Het is al redelijk laat in de middag en we moeten nog 75 km rijden dus we vinden het wel goed en slaan een bezoek aan de totempalen over. Het laatste deel van de rit is druk – het is duidelijk te merken dat we Victoria naderen. De camping (Oceanside Resort) is middels navigatie snel gevonden: een mooie grote camping die vol staat met enorm grote campers. Zeer waarschijnlijk Canadezen uit de regio die deze camping als vakantie adres gebruiken (soort sta caravans in Nederland). De receptie is gesloten maar de papieren voor ons liggen klaar om zelf in te vullen en de aangewezen plek op te zoeken. Na het installeren rijden we met 1 camper door naar een restaurant in de buurt.

Heerlijk gegeten, kop koffie, spelletje en opnieuw op tijd naar bed want morgenochtend om 10 uur gaan we weer varen: een boottocht vanuit Victoria om orka’s te spotten. We zijn benieuwd of dat gaat lukken!!

Ucluelet en Tofino

Afgelopen nacht toch kouder geweest dan we verwacht hadden: de dekens hadden we echt wel nodig.

Na het ontbijt rijden we met 1 camper naar Ucluelet om in te checken bij Jamie’s Whaling station.

We zijn te vroeg – dat weten we – maar het wachten wordt nog langer omdat de boot te laat van de vorige trip terug komt en eerst nog moet tanken. We gaan met z’n drieën: Caroline voelt zich niet helemaal lekker en blijft achter bij de camper (maakt wel een bezoek aan het prachtige aquarium – dat hebben wij gemist!).

Rond half een mogen we aan boord na eerst een grondige veiligheidsinstructie gehad te hebben. Uiteraard allemaal zwemvesten aan. De boot is niet zo groot (max. ongeveer 16 man). De zee is rustig, een lekkere temperatuur en een zonnetje dus de vooruitzichten zijn goed.

Het wordt een prachtige tocht van ruim 2,5 uur tussen de eilanden en in de baaien ten zuiden van Ucluelet. Zeearend, zeehonden, zeeotters, zeeleeuwen, bultrug walvissen, aalscholvers, enz. Een unieke ervaring!

 

Zelfs een walvis helemaal uit de zee op zien springen maar dat was voorbij voordat er een foto gemaakt kon worden. Prachtig om te zien!

Na afloop van de boottocht een kopje bouillon met een boterham in de camper en dan op naar Tofino. Langs deze kust moeten dus de surfstranden liggen. Het is mistig (zeemist) maar er zijn wel de nodige surfers die het gaan proberen. Een heel bijzonder landschap langs de kust: heel groen, hier en daar zelfs regenwoud en een enorm lang zandstrand met heel veel wrakhout op de kust.

In Tofino eten we fish & chips / caesar salad bij een klein lokaal tentje. Heerlijk!

Voor donker weer op de kampeerplek, koffie, spelletje en na een prachtige dag op tijd naar bed. Morgen 300 km rijden naar Victoria (de hoofdstad van Vancouver eiland).

Van Whistler naar Nanaimo

Afgelopen nacht niet koud geweest: 12 graden dus hoeft er ook geen kachel meer aan ‘s morgens vroeg. Na het ontbijt rijden we om even over negen weg richting Vancouver. De veerboot naar Vancouver eiland vertrekt om 13:25 dus we hebben genoeg tijd voor een paar tussenstops (112 km rijden = ca. 1,5 uur). Een kwartiertje buiten Whistler komt de zon door en we houden voor de rest van de dag grotendeels zonnig weer. Een mooie weg met uitzicht op de Coastal Mountain Range (met sneeuw) dus daar moet wel voor gestopt worden.

Hier staan wat informatieborden over de natives (lokale Indiaanse bevolking); ook alle verkeersborden zijn in deze streek tweetalig: Engels en de lokale – onuitspreekbare – native taal.

We drinken heerlijke koffie in een lokaal eetcafe in Squamish. Het is vrij rustig op de weg dus komen we zonder oponthoud om ongeveer half twaalf aan bij de veerboot (het laatste stukje via een enorme kronkelweg: eerst een paar kilometer doorrijden voorbij de terminal, omkeren en dan over de snelweg weer terug naar de terminal – vandaar de onlogica van onderstaande verkeersborden).

De veerboot is door Doets vooraf geboekt en betaald dus kunnen we snel door bij het inchecken. Het enige oponthoud is een leuk gesprek met de man achter het loket: hij heeft in Enschede gestudeerd (GIS – Geo-Information Sciences) en zijn zwager woont in Vries (vlakbij Assen) waar hij een kapperszaak runt. Leuk om regelmatig mensen tegen te komen die banden hebben met Nederland. Ook het aantal Nederlanders dat hier op vakantie is is vrij groot. We krijgen een sticker mee om de gaskraan van de propaanfles in de camper te verzegelen (moet tijdens de overtocht gesloten zijn).

Om 1 uur mogen we de boot oprijden en om 20 over 1 vertrek: efficient en precies op tijd! De boot is niet helemaal vol.

Als we de haven uitvaren zien we Downtown Vancouver: een wereldstad waar we over een week de laatste 2 dagen zullen doorbrengen.

De overtocht verloopt zonder problemen: een rustige zee maar wel een harde frisse wind!

Na 1,5 uur varen komen we om 3 uur in Nanaimo aan.

Soepeltjes van de boot af en 10 kilometer rijden naar de volgende camping.

Eerst thee en koffie en dan naar de Canadian Tire winkel voor een rubber ringetje voor de waterslang (is Cees kwijt geraakt – bij mij was dit ook al eerder gebeurd maar ik kon er toen één – permanent – lenen van de buurman op een eerdere camping – hier lukte dat niet). Even langs de supermarkt en de dranken winkel (liquor store – alcoholische drank mag niet in de supermarkt verkocht worden). In de supermarkt een warme maaltijd meegenomen (rijst / noodles met allerlei verschillende Chinese(?) gerechten) en bij de camper opgegeten. Heerlijk!

Het plan om naar de nabijgelegen waterval te lopen laten we maar varen: we hebben geen zin / puf om ca. 900 treden omhoog te lopen!!

Zoals gebruikelijk afwassen, koffie en een spelletje. Morgen verkassen naar de Westkust van Vancouver eiland (Ucluelet) op zo’n 180 km vanaf deze camping.

Dagje relaxen in Whistler

Gelukkig afgelopen nacht niet zo koud maar wel wat regen. Vandaag een relax dag. Het is bewolkt (laag hangende bewolking) dus niet zo aantrekkelijk om met de kabelbaan naar boven te gaan. De andere activiteiten hier in Whistler zijn voor ons – wat oudere mensen – minder aantrekkelijk: ziplijnen, quad rijden, wildwater raften, jet boating, enz.

Na het ontbijt gaan Tineke en Caroline een wasje draaien en Aad en Cees gaan een wandeling maken naar het ‘Lost Lake’. Een wandeling van zo’n 5 km waar we een forellenvisser aan het werk zien.

Onderweg komen we op het pad wat verse berenpoep tegen dus de beren zijn in de buurt (helaas niet gezien)!

Na de lunch op de camping gaan we het stadje Whistler in. Even zoeken naar een parkeerplek voor de camper (betaald parkeren – $5 / uur) waarna we de stad inlopen. Whistler is een bekende toeristische plaats en heeft een van de grootste skigebieden van Noord-Amerika. Ook zijn hier in 2010 de Olympische winterspelen gehouden dus heel veel herinnert nog aan die tijd (appartementengebouwen, Olympic Plaza waar de medailles werden uitgereikt, de Olympische ringen, de fakkel waar de vlam op brandde, enz.). Er ligt nu nog geen sneeuw dus het is relatief rustig: eind van het zomerseizoen en nog geen wintersporters. Een aantal prachtige gebouwen met heel bijzondere dakconstructies.

Uiteraard koffie bij Tim Horton, boodschappen en weer terug naar de camping. Het is koud, zuur weer met – als we net terug zijn op de camping – een regenbui. Na het avondeten (restjes+) een spelletje Mahjong en vroeg naar bed: morgen op tijd eruit want we gaan verkassen naar Vancouver eiland.

Van Historic Hat Creek Ranch naar Whistler

Het gras is vanmorgen weer bevroren maar naar ons gevoel was het niet zo koud als de afgelopen nachten. Een heerlijk warme douche in het douchegebouw van de camping en – zoals elke morgen – ontbijten in de camper van Aad en Tineke. We vertrekken om kwart over tien richting Whistler. De eerste stop is al na zo’n 27 km bij Marble Canyon Provincial Park waar meerdere meren achterelkaar liggen. Het waait hier flink dus schuimkopjes op het water!

We rijden over de prachtige Highway 99 – ook wel genoemd de Sea to Sky Highway (of Squamish highway of Whistler Highway). Enorm hoge bergen en diepe dalen. Hier en daar langs de rivier wat vlakkere gebieden waar dan wat huisjes staan met een stukje grond (bruin of groen afhankelijk of er geïrrigeerd wordt of niet). Soms wat koeien of paarden of een verzameling oude auto’s.

De Fraser rivier stroomt hier door een diep uitgesleten kloof.

Net voor het dorp Lillooet is een uitkijkpunt op het dorp en de Fraser rivier. Adembenemend mooi!

Op advies van iemand die op dit punt z’n lunch zat te eten rijden we het dorp Lillooet in omdat daar een bakker zit die heerlijk brood verkoopt (zal dan ook wel lekkere koffie hebben!). Een leuk dorp met een rijke geschiedenis. De taal van de natives is echter onuitspreekbaar.

Na de heerlijke koffie met een blauwe bessen & kaneel broodje (en een volkoren brood om mee te nemen) rijden we verder richting Whistler. Net voorbij Lillooet schieten er twee reeën de weg over!

Bij de volgende stop – net voorbij een stuwdam met powerstation – hebben we een prachtig uitzicht over het Seton (stuw)meer.

Weer iets verder twee enerverende momenten: een beginnende bosbrand vlak langs de weg (gelukkig kunnen we er langs rijden – geen idee hoe het zich verder ontwikkeld heeft) en opnieuw een overstekende zwarte beer!

Van schrik en emoties (brand & beer) krijgt Tineke ineens enorme buikkrampen en moeten we een noodstop maken voor toiletbezoek en wat rust. Gelukkig gaat het na een poosje al snel weer beter en kunnen we gewoon doorrijden naar een volgende stop bij het Duffey meer waar een enorme hoeveelheid boomstammen zich heeft verzameld aan het eind van het meer. Hier vandaan kunnen we ook al de sneeuw op de hoge bergen van de Coastal Mountain Range zien.

Op het laatste stuk naar Whistler zien we enorm veel hoogspanningsleidingen: waarschijnlijk liggen hier meerdere stuwdammen met powerstations die de stroom naar de kust (Vancouver) afvoeren.

Highway 99 kent hoge bergpassen en lage dalen: het hoogste punt ligt op ca. 1150 meter en het laagste punt op zo’n 200 meter. Door de enorm bochtige weg en de hoogteverschillen (continue omhoog of omlaag) is het best wel inspannend rijden. Absoluut geen mogelijkheid om de aandacht te laten verslappen want dan heb je een probleem!

Net voordat we omhoog gaan naar Whistler (dat op zo’n 640 meter hoogte ligt) komen we voorbij een grote winery: de druivenbomen staan er goed bij! Tevens een waarschuwing voor grizzly beren die veel groter en gevaarlijker zijn dan de zwarte beren die we gezien hebben.

Aan het eind van de middag komen we in Whistler aan. Eerst tanken, dan inchecken in het Riverside Camping & RV Resort, happy hour (met thee en koffie) gevolgd door een heerlijk diner in het Thaise restaurant op de camping.

Onder het genot van een kop koffie nog een spelletje klaverjassen (inclusief een snelle opfriscursus voor Cees en Caroline) en op tijd naar bed na een prachtige, enerverende en vermoeiende dag. Qua kilometers niet zo veel gereden (ruim 200 km) maar wel weer veel beleefd!

Van Wells Gray Provincial Park naar Historic Hat Creek Ranch

We beginnen weer met een koude nacht en morgen: de motorkap van de camper, het gras en de kampeertafel bevroren! De waterslang gelukkig niet dus geen vorstschade.

Na het ontbijt de campers loskoppelen van stroom en water en om kwart voor tien vertrekken we richting Clearwater voor ‘koffie met’ bij Tim Horton. Aad moet nog tanken en er moeten nog wat boodschappen gedaan worden dus om kwart over elf rijden we richting Cache Creek voor een overnachting op de Historic Hat Creek Ranch. Tussendoor even stoppen om de spiegels goed te zetten (na het schoonmaken bij de benzinepomp zijn ze verdraaid) en na een uurtje een stop bij Louis Creek.

In deze omgeving heel veel verbrande dode bomen: er moet een aantal jaren geleden hier een flinke bosbrand geweest zijn!

Onderweg heel veel vrachtverkeer en verkeershinder door constructiewerkzaamheden aan een pijpleiding die hier langs de weg gelegd wordt. Hier en daar rijden we door agrarische gebieden: als er beregend wordt dan is het groen, zo niet dan is het kaal, dor en droog.

Ook zien we deze dag heel veel kleine sprinkhanen die echt overal rond springen. Deze moeten natuurlijk even op de foto!

We lunchen in Kamloops opnieuw bij Tim Horton (geen ander restaurant kunnen vinden). Halverwege het Kamloops meer stoppen we bij een uitkijkpunt: een prachtig uitzicht over het meer, de kale dorre bergen er om heen en de spoorlijn die langs het meer loopt.

Om een uur of half vijf komen we bij de camping aan. Een kleine camping op een historische plaats.

De camping ligt aan een van de weinig overgebleven delen van de Cariboo Wagon Road waar vroeger heel veel goederenwagens, koetsen en passagiers van de British Columbia Express Line over werden vervoerd. Naast de camping ligt een historisch dorp met gebouwen uit deze periode van 1860 tot ca. 1905. Ook is er een Indiaans dorpje te bezichtigen met uitleg hoe de natives hier meer dan honderd jaar geleden hebben geleefd. Heel interessant om deze geschiedenis te beleven tijdens een wandeling door het dorpje aan het eind van de middag.

Na het eten (goulash maaltijdsoep) nog een spelletje Mahjong en om elf uur naar bed. We blijven hier 1 nacht: morgen verder naar Whistler in de ‘Coastal Mountain Range’ (dus geen Rocky Mountains). Whistler is bekend van de Olympische winterspelen van 2010.

Wells Gray Provincial Park

Het is vanmorgen weer erg fris: rond het vriespunt en mistig.

Na het ontbijt rijden we naar het plaatsje Clearwater (zo’n 33 km ten zuiden van de camping) waar we eerst koffie drinken bij Tim Horton: een heel bekende koffieketen in Canada. Heerlijke koffie met applefritters (gebak gevuld met appel en kaneel) en doughnuts. De koffie en het gebak is zo lekker dat we van plan zijn om er morgen weer langs te gaan (op weg naar de volgende camping). Na de koffie boodschappen doen (Buy-low foods heeft een uitgebreide sortering, ook van fruit en groente) en benzine en gas tanken (propaan voor de verwarming en de boiler).

We zijn vandaag met z’n vieren op stap met de camper van Cees en Caroline dus Aad moet morgen nog even tanken. We bezoeken vandaag het Wells Gray Provincial Park dat o.a. bekend staat om z’n watervallen. De eerste stop is bij de Spahats waterval: 73 meter hoog en 9 meter breed. Ook de rotsen in deze omgeving zijn bijzonder mooi!

Een stukje verderop een uitkijkpunt over de Clearwater rivier.

We lunchen op de camping: het is vandaag super mooi weer. Niet te warm en niet te koud en geen wolkje aan de hemel. Top!

Na de lunch rijden we eerst naar het meest noordelijke puntje van onze reis vandaag: Bailey’s Chute. Een stroomversnelling waar we mogelijk zalmen kunnen zien springen. Maar eerst krijgen we nog een paar verrassingen: 2 reeën en een zwarte beer!

De zwarte beer is echt een cadeautje! Op nog geen 5 meter afstand gaat hij/zij langs de kant van de weg zitten eten van de struiken die er staan. Een heel bijzondere ervaring om zo dicht bij een wilde zwarte beer te zijn!

Na zo’n 15 km graded road komen we bij Bailey’s Chute waar we inderdaad een aantal zalmen zien springen om te proberen de waterval te overbruggen. Altijd weer een indrukwekkend gezicht (hebben we vroeger in Schotland ook regelmatig gezien).

De volgende stop is de Helmcken waterval in de Murtle rivier (een zijrivier van de Clearwater rivier): de op 3 na hoogste waterval in Canada. 141 meter hoog en 23 meter breed.

Een eindje verderop de Mushbowl (ook in de Murtle rivier): een imposante (kleine) waterval vlakbij een prachtige oude houten brug.

De laatste stop is bij de Dawson waterval: slechts 18 meter hoog maar wel 107 meter breed. Heel indrukwekkend.

Het is intussen bijna 6 uur geworden dus tijd om terug te gaan. Vanavond eten we worteltjes met gebakken aardappelen en moten wilde Canadese zalm (dus geen kweekzalm). Superlekker!

We zijn allemaal moe van het rijden, het wandelen en de belevenissen van vandaag dus geen spelletje. Met een heerlijk warme douche in het camping gebouw en een glaasje rode wijn sluiten we de avond af. Opnieuw een supermooie dag beleefd!

Van Jasper naar Helmcken Falls Lodge

Vannacht vanaf een uur of vier heeft het flink geregend. Daarom wat minder geslapen maar onder de dekens is het lekker warm (buiten 4 graden). Na het douchen kijken we naar buiten en wat zien we? Sneeuw op Whistlers Mountain!!

We hebben het gisteren dus heel erg getroffen met het weer!! Zo snel kan het weer hier veranderen. Op de camping ook een wapiti (of elk) – de eerste die we in Canada zien.

Vandaag een reisdag: na het ontbijt vertrekken we tegen tienen naar de volgende camping (Helmcken Falls Lodge) op zo’n 355 km afstand. Eerst tanken in Jasper en dan de snelweg op richting Brits Columbia. Onderweg bewolkt en zo nu en dan regen.

We gaan de grens tussen de provincies Alberta en Brits Columbia over (de tijd gaat weer een uur terug dus vanaf nu 9 uur tijdverschil). Het weer wordt geleidelijk wat beter, de bergen worden wat minder hoog en ook het landschap verandert: zo nu en dan wat agrarisch gebied en kleine dorpjes. Er is vandaag (maandag) duidelijk veel meer vrachtverkeer op de weg dan de afgelopen dagen (weekend).

Net voor het dorpje Blue River proberen we bij een drijvend restaurant wat te eten maar helaas: de kok is ziek! We krijgen de aanbeveling om in Blue River bij de Grizzly Food Shack te gaan eten – klaarblijkelijk de enige eetgelegenheid in de wijde omgeving.

Na een heerlijke burger met friet vervolgen we onze reis naar Vavenby: een gehucht van een paar honderd mensen maar – tot onze verbazing – wel een redelijk grote supermarkt. Een ijsje voor de heren en een kop koffie voor de dames. Na een hartelijk gesprek met een aantal dames bij / in de winkel krijgen we een zak ‘home grown’ appels mee die we vooral met pindakaas (als snack) op moeten eten. We zijn benieuwd hoe dat gaat smaken!

Als we weg willen rijden moeten we eerst 10 minuten wachten tot de trein voorbij is!

Na een klein uurtje komen we op de volgende camping aan: Helmcken Falls Lodge. Een vrij kleine camping met slechts 19 camperplekken en een aantal huisjes / kamers in het hotel). Happy hour met thee / wijntje en als avondeten een hotdog / salade.

Het begint om 10 uur al aardig fris te worden (4 graden) en de voorspelling voor vannacht is 0 graden. Morgen overdag zo’n 16 graden met volop zon dus ideaal voor een aantal wandelingen die morgen op het programma staan.

Jasper

3 graden vanmorgen dus de kachel maar weer aan voordat we gaan douchen en ontbijten. Na het ontbijt rijden we om 9 uur weg naar de Jasper Skytram (zo’n 5 km van de camping). Vanaf de camping kunnen we de kabelbaan en het eindstation al zien.

We hebben het eerste ritje van de dag omhoog dus om 10:06 naar boven. Max. 22 mensen in de gondel – bouwjaar van de Skytram is 1964 dus er zullen al heel veel mensen voor ons omhoog gegaan zijn. In 7,5 minuut zijn we boven op een hoogte van 2263 meter (zo’n 1000 meter boven het grondstation). In de schaduw is het flink koud maar de zon schijnt volop en zonder wind voelt het al gauw warm aan.

Er is een wandelpad van 1,2 km naar de top van Whistlers mountain: een flinke klim met een hoogteverschil van 200 meter (gemiddeld dus 17%). Tineke en Caroline lopen tot ongeveer halverwege maar Cees en Aad gaan helemaal door naar de top! Een flinke inspanning op deze hoogte maar enorm de moeite waard. Het is vandaag prachtig zonnig en super helder weer dus ideaal voor deze wandeling. Een fantastisch uitzicht over de bergen om ons heen (inclusief Mt. Robson – met 3954 meter het hoogste punt van de Canadese Rocky Mountains) en beneden het dorp Jasper en de Athabaska rivier.

Voordat we met de kabelbaan weer naar beneden gaan nog een kop koffie in het restaurant met een mooi uitzicht op de gondel die ons naar beneden zal brengen.

In Jasper een uitgebreide warme lunch zodat we vanavond bij de camper aan een kop soep genoeg hebben.

Jasper heeft een enorm groot rangeerterrein voor de gigantisch lange treinen die we zien komen en zien gaan: containers, stenen, tankwagons met ruwe olie (uit de teerzanden?) en hout. Heel indrukwekkend om deze treinen voorbij te zien komen.

We wandelen door Jasper: heel veel restaurantjes en winkeltjes. Het is het hele jaar door een vakantiedorp want in de winter kun je in deze omgeving ook skiën.

Nog een lekker ijsje en wat boodschappen (lang in de rij op zondagmiddag – ook hier personeelsgebrek?) en terug naar de camper voor een kop thee / biertje. We wandelen vanaf de camping nog even naar de rivier maar door de hoge oevers is daar weinig (wild) te zien.

Met een kop soep als avondeten, een kop koffie en een spelletje Mahjong besluiten we weer een fantastisch mooie dag in de Rocky Mountains, top!